De landbouwers die tewerkgesteld zijn in de olieplantages op het Indonesische eiland Borneo doden met opzet orang-oetans. Dat klaagt het Centrum voor
Bescherming van de Orang-oetan (COP) in Jakarta woensdag aan. De eilanden Sumatra en Borneo zijn de enige plek waar orang-oetans in het wild leven.
In 2006 zijn in Borneo minstens vijftienhonderd orang-oetans gedood. De landbouwers beweren dat de dieren de zaden voor de oliepalmen opeten, aldus Hardi
Baktianoro, directeur van het centrum. De orang-oetans zijn al met uitsterven bedreigd door de ontbossing in Indonesië. Die gebeurt voor het aanleggen van
plantages.
Het centrum betreurt dat de doders van de apen niet gestraft worden en heeft de regering in Jakarta gevraagd de vergunningen voor de olieplantages in
Borneo te annuleren.
Indonesië is wereldwijd de tweede grootste producent van palmolie, na Maleisië.